vastgesteld op de Ledenvergadering op 25 mei 2005. De statuten zullen in het voorjaar van 2010 zullen worden aangepast.
Doelstelling
Middelen
Leden
Gewone, aspirant- en kandidaatleden
Belangstellende en buitengewone leden
Ereleden
Begunstigers
Aanvraag van het lidmaatschap
Beroep
Einde van het lidmaatschap
Geldmiddelen
Bestuur
Ledenvergadering
Commissies
Klachtenbehandeling
Maatregelen na gegrond bevonden klacht
Commissie van beroep en bemiddeling
Reglementen
Wijziging van de statuten
Ontbinding en liquidatie
Verenigingsjaar en boekjaar
Communicatiemiddelen van het bestuur
Slotbepaling
Artikel 1
De vereniging is genaamd: Vereniging voor Cliëntgerichte Psychotherapie, voorheen de Vereniging voor Rogeriaanse Therapie, en is gevestigd te Utrecht. De vereniging duurt voort voor onbepaalde tijd.
Artikel 2
De vereniging stelt zich ten doel:
a. het bevorderen van de toepassing en ontwikkeling van de psychotherapeutische benaderingswijze die (internationaal) bekend staat als cliëntgericht (client-centered/ klientenzentriert) en die wortelt in het bijzonder in het werk van Carl Rogers;
b. het bevorderen van de gebruikmaking van de diensten van diegenen, die zijn opgeleid in deze psychotherapeutische benaderingswijze, hierna te noemen: cliëntgerichte psychotherapeuten;
c. behartiging van de maatschappelijke en beroepsethische belangen voortspruitend uit de toepassing van de cliëntgerichte psychotherapie en de daaraan gelieerde activiteiten.
Artikel 3
De vereniging tracht deze doelen te bereiken door:
a. zodanige maatstaven aan te leggen voor de toelating tot het lidmaatschap van de vereniging, dat dit lidmaatschap tegenover derden een waarborg voor deskundigheid betekent;
b. het opstellen en handhaven van gedragsregels voor de toepassing van de cliëntgerichte psychotherapie;
c. het bevorderen van de wetenschappelijke bestudering van de in artikel 2, sub a genoemde benaderingswijze;
d. het organiseren van de mogelijkheden voor opleiding;
e. het bevorderen van publicaties over onderwerpen die verband houden met de doelstellingen der vereniging;
f. het onderhouden van betrekkingen met verwante organisaties in binnen- en buitenland;
g. alle andere wettige middelen welke de doeleinden van de vereniging kunnen bevorderen.
Artikel 4
De vereniging kent:
a. gewone leden VCgP-psychotherapeut;
b. gewone leden VCgP-gesprekstherapeut;
c. gewone leden VCgP-counselor
d. kandidaat-leden;
e. belangstellende leden;
f. buitengewone leden;
g. ereleden;
h. aspirant-leden: nieuwe aspirant-leden zullen na wijziging van de statuten op 7 juni 2006 niet meer worden ingeschreven, vanaf die datum blijven leden in opleiding kandidaat-lid tot inschrijving als gewoon lid; Voor zover niet afzonderlijk benoemd, hebben aspirant leden dezelfde rechten en plichten als kandidaat leden.
i. begunstigers.
Artikel 5
1. Tot het gewone en kandidaatlidmaatschap kunnen worden toegelaten personen, die hebben voldaan aan de vereisten zoals vermeld in het huishoudelijk reglement van de vereniging omtrent de opleiding in de cliëntgerichte psycho-therapie, en die de beroepscode voor psychotherapeuten, zoals uitgegeven door de Nederlandse Vereniging voor Psychotherapie te Utrecht of haar rechtsopvolgers, hierna te noemen: de beroepscode, onderschrijven en op zichzelf van toepassing verklaren.
2. Het bestuur is bevoegd voor aanvang van de opleiding in bijzondere gevallen ontheffing te verlenen ten aanzien van één of meer, in het huishoudelijk reglement nader geëxpliciteerde, eisen.
3. Zolang de vereniging door de te Utrecht gevestigde vereniging: Nederlandse Vereniging voor Psychotherapie wordt erkend als specialistische psychotherapievereniging is een gewoon lid van de vereniging als zodanig tevens lid-specialist van de Nederlandse Vereniging voor Psychotherapie, mits het gewone lid is opgenomen in het door de Minister van Volksgezondheid erkende register van psychotherapeuten, dan wel door de Minister geacht wordt in een dergelijk register te zijn opgenomen. Indien een gewoon lid in een later stadium aan een van de gemelde voorwaarden komt te voldoen, wordt hij alsnog lid- specialist van de Nederlandse Vereniging voor Psychotherapie.
Artikel 6
1. Het belangstellend lidmaatschap kan worden aangevraagd indien een positieve belangstelling voor de cliëntgerichte psychotherapie verwacht kan worden.
2. Tot het buitengewoon lidmaatschap kunnen worden toegelaten personen, die door hun werkzaamheden, naar het oordeel van de vereniging, een actieve bijdrage leveren aan de verwezenlijking van de doelstelling van de vereniging.
Artikel 7
1. Op voorstel van het bestuur of van tenminste één/tiende van het aantal ingeschreven stemgerechtigde leden kan de ledenvergadering natuurlijke personen, die zich voor de vereniging of voor de ontwikkeling van de cliëntgerichte psychotherapie bijzonder verdienstelijk hebben gemaakt, tot erelid van de vereniging benoemen, zulks met tenminste drie/vierde van de in de betreffende ledenvergadering uitgebrachte stemmen.
2. Ereleden hebben dezelfde rechten als gewone leden. Zij betalen geen contributie.
Artikel 8
Begunstigers kunnen zijn natuurlijke of rechtspersonen, die zich verbinden jaarlijks tenminste een door de ledenvergadering te bepalen bedrag aan de vereniging te schenken.
Artikel 9
1. Het gewone, kandidaat- en belangstellend lidmaatschap wordt schriftelijk bij het bestuur aangevraagd.
De eisen om tot verwerving van het gewoon en kandidaat-lidmaatschap te geraken worden nader geregeld in het huishoudelijk reglement.
2. Op voorstel van het bestuur of op schriftelijk voorstel van tenminste tien stemgerechtigde leden kan de ledenvergadering natuurlijke personen tot het buitengewoon lidmaatschap toelaten.
3. Het bestuur stelt de leden in kennis van de aanvraag voor het desbetreffende lidmaatschap.
Artikel 10
1. Ieder gewoon lid van de vereniging kan bij het bestuur eventuele bezwaren tegen toelating tot het gewone-, kandidaat- en belangstellend lidmaatschap kenbaar maken.
2. Deze bezwaren moeten binnen dertig dagen na de in het vorige artikel bedoelde kennisgeving schriftelijk bij het bestuur worden ingediend.
3. Na overweging van de aangevoerde bezwaren, besluit het bestuur tot het al dan niet toelaten van de aanvrager tot het lidmaatschap.
Artikel 11
Zowel de aanvrager van het lidmaatschap, alsook het lid dat overeenkomstig het vorige artikel bezwaren heeft ingebracht tegen toelating tot het lidmaatschap, kunnen tegen een overeenkomstig artikel 10 lid 3 genomen bestuursbeslissing in beroep gaan bij de commissie van beroep en bemiddeling van de vereniging.
Artikel 12
1. Gewone leden en ereleden hebben stemrecht.
2. Kandidaat- en buitengewone leden hebben een adviserende stem. Zij hebben recht op toezending van de verenigingsconvocaties en publicaties voorzover deze voor hen van belang zijn. Ook hebben zij toegang tot de wetenschappelijke bijeenkomsten en de ledenvergaderingen van de vereniging.
3. Belangstellende leden hebben recht op toezending van de verenigingsconvocaties en publicaties voorzover deze voor hen van belang zijn. Ook hebben zij toegang tot de wetenschappelijke bijeenkomsten. Zij hebben geen toegang tot de ledenvergadering en hebben geen stemrecht.
Artikel 13
1. Het lidmaatschap eindigt door:
a. het overlijden van het lid;
b. opzegging door het lid; zulks wordt door het lid schriftelijk meegedeeld aan het bestuur.
Opzegging van het lidmaatschap door het lid kan slechts geschieden per 1 januari van enig jaar en met inachtneming van een opzeggingstermijn van drie maanden;
c. opzegging namens de vereniging door het bestuur; deze kan geschieden wanneer het lid ondanks herhaalde aanmaning niet voldoet aan zijn financiële verplichtingen jegens de vereniging, bij wijze van maatregel als bedoeld in artikel 21 van deze statuten en voorts wanneer een lid heeft opgehouden aan de vereisten door de statuten voor het lidmaatschap gesteld te voldoen, alsook wanneer redelijkerwijs van de vereniging niet gevergd kan worden het lidmaatschap te laten voortduren. Opzegging van het lidmaatschap door de vereniging kan op elk ogenblik en zonder opzeggingstermijn geschieden;
d. ontzetting; deze kan alleen worden uitgesproken, wanneer een lid in strijd met de statuten, reglementen of besluiten der vereniging handelt, of de vereniging op onredelijke wijze benadeelt; de ontzetting geschiedt door het bestuur; de betrokkene wordt ten spoedigste schriftelijk van het besluit, met opgave van redenen, in kennis gesteld; hem staat binnen een maand na ontvangst van de kennisgeving van het besluit beroep op de ledenvergadering open; gedurende de beroepstermijn en hangende het beroep is het lid geschorst.
2. Een opzegging in strijd met het in het vorige lid bepaalde doet het lidmaatschap eindigen op het vroegst toegelaten tijdstip volgende op de datum waartegen was opgezegd.
3. Personen die hun lidmaatschap hebben beëindigd kunnen onder bepaalde voorwaarden, zoals neergelegd in het huishoudelijk reglement, weer lid van de vereniging worden.
Artikel 14
De geldmiddelen der vereniging bestaan uit:
a. contributie der leden, kandidaat-leden, belangstellende leden en buitengewone leden, waarvan de bedragen door de ledenvergadering worden bepaald;
b. giften, schenkingen;
c. erfstellingen, legaten;
d. subsidies;
e. overige inkomsten.
Erfstellingen en legaten kunnen slechts worden aanvaard onder het voorrecht van boedelbeschrijving.
Artikel 15
1. Het bestuur bestaat uit een oneven aantal van tenminste drie leden, waaronder de voorzitter, de secretaris en de penningmeester. In geval van vacature(s) in het bestuur wordt het bestuur gevormd door de in functie zijnde bestuursleden.
2. De leden van het bestuur worden door de leden van de vereniging benoemd uit de gewone leden van de vereniging. Uitsluitend op gemotiveerde voordracht van het bestuur kunnen ook kandidaat-leden en belangstellende leden tot bestuurslid benoemd worden, met dien verstande dat te allen tijde ten minste de helft van het aantal bestuursleden gewoon lid van de vereniging dient te zijn.
De voorzitter, de secretaris en de penningmeester worden door de ledenvergadering in functie gekozen. Het bestuur verdeelt de overige werkzaamheden onder de leden van het bestuur.
De benoeming geschiedt op voordracht van het bestuur of van tenminste tien stemgerechtigde leden. Een voordracht van het bestuur wordt schriftelijk aan de leden bekend gemaakt, tenminste veertien dagen vóór de ledenvergadering. Een voordracht van tenminste tien stemgerechtigde leden kan plaatsvinden tot de aanvang van de ledenvergadering.
Aan de voordrachten kan het bindende karakter worden ontnomen door een met tenminste twee/derde van de uitgebrachte stemmen genomen besluit van de ledenvergadering. De ledenvergadering is vrij in de benoeming van leden van het bestuur indien niet een voordracht als bedoeld is gedaan als hiervoor in dit lid omschreven.
3. Het bestuur stelt een rooster van aftreden van de leden van het bestuur op, zodanig, dat jaarlijks één of meer leden van het bestuur in een periode van vier jaar aftreden en voorzitter, secretaris en penningmeester niet gelijktijdig aftreden. Een periodiek aftredend bestuurslid is terstond herbenoembaar, onverminderd het bepaalde in het vorige lid.
4. Er is een Dagelijks Bestuur, bestaande uit de voorzitter, de secretaris en de penningmeester en eventueel één of meer, door het Bestuur aangewezen, andere bestuursleden.
5. Het dagelijks bestuur is belast met de dagelijkse leiding van de vereniging.
6. De vereniging wordt in en buiten rechte vertegenwoordigd door het bestuur, dan wel twee gezamenlijk handelende bestuursleden, waarvan er tenminste één lid van het dagelijks bestuur is.
7. Het bestuur is krachtens het besluit van de ledenvergadering bevoegd tot het sluiten van overeenkomsten tot het kopen, vervreemden of bezwaren van registergoederen en tot het sluiten van overeenkomsten waarbij de vereniging zich als borg of hoofdelijk medeschuldenaar verbindt, zich voor eenderde sterk maakt of zich tot zekerheidstelling voor een schuld van eenderde verbindt.
8. Het bestuur, respectievelijk dagelijks bestuur kan zich over zaken die de vereniging betreffen laten bijstaan of adviseren door personen binnen of buiten de vereniging.
Artikel 16
1. Het bestuur vergadert zo dikwijls de voorzitter dit nodig acht of tenminste twee leden van het bestuur dit schriftelijk verzoeken.
2. Geeft de voorzitter binnen één maand na het schriftelijk verzoek, als bedoeld in lid 1 van dit artikel, hieraan geen gevolg, dan hebben de betrokken leden van het bestuur het recht zelf een vergadering van het bestuur bijeen te roepen.
3. Het bestuur neemt zijn besluiten met de stemmen van meer dan de helft van het aantal in functie zijnde leden van het bestuur.
Artikel 17
1. Het bestuur roept de ledenvergadering bijeen, zo dikwijls het dit wenselijk oordeelt, of wanneer het daartoe volgens de wet of de statuten verplicht is.
Bijeenroeping geschiedt schriftelijk op een termijn van tenminste twee weken.
2. Op schriftelijk verzoek van tenminste een/tiende van de stemgerechtigde leden, is het bestuur verplicht tot het bijeenroepen van een ledenvergadering op een termijn van niet langer dan vier weken. Indien aan het verzoek binnen veertien dagen geen gevolg wordt gegeven, kunnen de verzoekers zelf tot die bijeenroeping overgaan op de wijze waarop het bestuur de ledenvergadering bijeenroept of bij advertentie in tenminste een ter plaatse waar de vereniging gevestigd is te lezen dagblad.
3. Het bestuur brengt op een ledenvergadering binnen zes maanden na afloop van het boekjaar, behoudens verlenging van deze termijn door de ledenvergadering, een jaarverslag uit over de gang van zaken in de vereniging en over het gevoerde beleid. Het legt de balans en staat van baten en lasten met een toelichting ter goedkeuring aan de vergadering voor. Deze stukken worden ondertekend door de bestuurders; ontbreekt de ondertekening van een of meer hunner, dan wordt daarvan onder opgave van redenen melding gemaakt. Na verloop van de termijn kan ieder lid van de gezamenlijke bestuurders in rechte vorderen dat zij deze verplichtingen nakomen.
4. De ledenvergadering dient jaarlijks een kascommissie van tenminste twee personen te benoemen, die geen deel uitmaken van het bestuur. Deze kascommissie onderzoekt rekening en verantwoording van het bestuur en brengt aan de ledenvergadering verslag van haar bevindingen uit.
5. Jaarlijks, uiterlijk in de maand november, wordt een ledenvergadering gehouden, waarin de begroting voor het komende boekjaar wordt vastgesteld.
Artikel 18
1. Aan de ledenvergadering kunnen deelnemen:
a. gewone leden;
b. kandidaat-leden;
c. buitengewone leden;
d. ereleden.
2. Over alle onderwerpen, met uitzondering van die waarvoor bij deze statuten een andere meerderheid is voorgeschreven, wordt bij volstrekte meerderheid van uitgebrachte stemmen beslist.
Stemming over zaken geschiedt mondeling.
Stemming over personen geschiedt schriftelijk.
Stemming bij acclamatie is mogelijk, wanneer niemand van de stemgerechtigde aanwezigen zich daartegen verzet.
Blanco stemmen worden als niet uitgebracht beschouwd. Voor het geval bij verkiezing van personen niemand de volstrekte meerderheid verkrijgt, wordt herstemd tussen de twee personen, die het grootste aantal stemmen op zich hebben verenigd.
Indien meerdere personen evenveel stemmen op zich verenigen en voor herstemming in aanmerking zouden komen, zal door loting worden beslist welke twee personen voor herstemming in aanmerking komen. Indien bij de herstemming de stemmen staken, beslist het lot.
Artikel 19
1. Het bestuur kan een of meer commissies instellen en samenstellen en taken, bevoegdheden en werkwijze van deze commissies vaststellen, aanvullen en wijzigen.
2. De ledenvergadering stelt een commissie van beroep en bemiddeling in, met inachtneming van artikel 22.
3. Onverlet het bepaalde in lid 1 van dit artikel kan de ledenvergadering commissies instellen, belast met de voorbereiding en/of uitvoering van bepaalde activiteiten van de vereniging.
De ledenvergadering bepaalt de taak en de samenstelling van deze commissies.
Artikel 20
Klachten over leden van de vereniging worden behandeld door het college van toezicht respectievelijk het college van beroep van de Stichting Kwaliteitsbewaking Psychotherapie te Utrecht of haar rechtsopvolgers, aan de hand van de beroepscode.
Artikel 21
1. Het bestuur van de vereniging legt een of meerdere maatregelen als bedoeld in lid twee en drie aan een lid van de verenging op, indien het college van toezicht respectievelijk het college van beroep van de Stichting Kwaliteitsbewaking Psychotherapie een klacht over dit lid gegrond heeft bevonden en het bestuur van de vereniging adviseert een of meerdere van deze maatregelen jegens het lid te nemen.
Het bestuur van de vereniging acht dit advies van de colleges van de Stichting Kwaliteitsbewaking Psychotherapie bindend en voert de geadviseerde maatregel(en) uit. Het bestuur van de vereniging kan de uitvoering van de maatregel(en) overdragen aan een daarvoor ingestelde commissie.
2. De in het eerste lid van dit artikel bedoelde maatregelen zijn:
a. waarschuwing;
b. berisping;
c. schorsing van het lidmaatschap van de vereniging voor een bepaalde duur;
d. ontzetting uit of opzegging van het lidmaatschap van de vereniging;
e. schorsing van de opleiderslicentie/-bevoegdheid vanuit de vereniging voor een bepaalde duur;
f. intrekking van de opleiderslicentie/-bevoegdheid vanuit de vereniging;
g. openbaarmaking van de uitspraak binnen de vereniging op een door de vereniging te bepalen wijze.
3. Indien een maatregel voorwaardelijk wordt opgelegd verbindt het bestuur van de vereniging hieraan bijzondere voorwaarden indien het college van toezicht respectievelijk het college van beroep van de Stichting Kwaliteitsbe waking Psychotherapie dit adviseert.
Artikel 22
1. De vereniging heeft een commissie van beroep en bemiddeling, bestaande uit vier gewone leden en een jurist, dan wel vijf gewone leden.
2. De leden van deze commissie worden benoemd door de ledenvergadering.
3. Deze commissie heeft tot taak:
a. het nemen van een besluit overeenkomstig artikel 11;
b. het bemiddelen en respectievelijk tot bindende uitspraken komen in conflictsituaties die hetzij ter bemidde ling hetzij als beroep zijn aangebracht en die geen betrekking hebben op het naleven van de beroepscode.
4. De commissie neemt beslissingen met de stemmen van tenminste drie van de vijf leden.
5. De wijze van aftreden van de leden van de commissie van beroep en bemiddeling als mede de procedure met betrekking tot behandeling van bezwaren, worden geregeld bij huishoudelijk reglement.
Artikel 23
1. Alle onderwerpen, waarvan nadere regeling door de statuten is voorgeschreven dan wel door de ledenvergadering of het bestuur nodig of nuttig wordt geoordeeld, zullen nader worden geregeld in het huishoudelijk reglement of een ander reglement.
De reglementen mogen niet in strijd zijn met de statuten.
2. Reglementen ten behoeve van de, conform artikel 19 lid 1 door het bestuur ingestelde commissies, worden door het bestuur vastgesteld. Het bestuur stelt de leden in kennis van deze reglementen. De reglementen ten behoeve van, conform artikel 19 lid 2 en 3 door de ledenvergadering ingestelde commissies, worden vastgesteld door de ledenvergadering.
3. De reglementen ten behoeve van de, conform artikel 19 lid 1 door het bestuur ingestelde commissies, kunnen worden gewijzigd door het bestuur. Het bestuur stelt de leden in kennis van deze wijzigingen. De reglementen ten behoeve van de, conform artikel 19 lid 2 en 3 door de ledenvergadering ingestelde commissies, kunnen worden gewijzigd door de ledenvergadering; dan wel, met in achtneming van het in lid 4 van dit artikel bepaalde, door het bestuur.
4. Een voorgenomen besluit van het bestuur tot wijziging van een reglement ten behoeve van de, conform artikel 19 lid 2 en 3 door de ledenvergadering ingestelde commissies, wordt door het bestuur schriftelijk ter kennis van alle gewone en ereleden gebracht. Indien binnen een termijn van drie weken na datum van verzending van vorengemelde kennisgeving:
a. tenminste één/tiende gedeelte van het aantal gewone en ereleden schriftelijk aan het bestuur heeft kenbaar gemaakt niet accoord te zijn met een besluit van het bestuur terzake overeenkomstig bedoeld voorgenomen besluit van het bestuur en/of terzake beslissing door de ledenvergadering te verlangen, kan het bestuur terzake niet besluiten tot wijziging van het reglement en zal de inhoud van het voorgenomen besluit van het bestuur als voorstel aan de ledenvergadering op de agenda van de eerstvolgende ledenvergadering geplaatst worden en zal de ledenvergadering terzake beslissen;
b. het onder a. vermelde geen toepassing vindt, kan het bestuur besluiten tot wijziging van het reglement
Overeenkomstig bedoeld voorgenomen besluit van het bestuur. Het bestuur stelt de leden in kennis van haar besluit.
Artikel 24
1. De statuten kunnen slechts gewijzigd worden op grond van een besluit van een daartoe bijeengeroepen ledenvergadering. Een besluit tot wijziging van artikel 1 t/m 24, 26 en 27 dient genomen te worden met een meerderheid van twee/derde van de in de vergadering uitgebrachte stemmen. Een besluit tot wijziging van artikel 25 dient genomen te worden als een besluit tot ontbinding van de vereniging.
2. De convocatie tot deze vergadering dient de voorgestelde wijziging te beatten.
3. De termijn voor oproeping tot een zodanige vergadering bedraagt tenminste één maand.
Artikel 25
1. Tot ontbinding van de vereniging kan in eerste instantie slechts besloten worden indien, op een speciaal bijeengeroepen ledenvergadering, tenminste drie/vierde van het totaal aantal stemgerechtigde leden aanwezig is.
Bij gebreke van het gemelde quorum in die vergadering kan daarna daartoe een tweede ledenvergadering worden uitgeschreven, te houden tenminste twintig en ten hoogste veertig dagen na de bedoelde eerste vergadering; in deze tweede vergadering kan tot ontbinding worden besloten ongeacht het aantal aanwezige stemgerechtigde leden.
2. Het besluit tot ontbinding dient te worden genomen met een meerderheid van drie/vierde van de in de vergadering uitgebrachte stemmen.
3. De bestemming van een batig saldo zal door de ledenvergadering worden vastgesteld, bij besluit genomen met drie/vierde van de in de vergadering uitgebrachte stemmen.
4. De eerste vergadering, bedoeld in lid 1, dient tenminste drie maanden van tevoren te worden uitgeschreven met vermelding van het voorstel tot ontbinding van de vereniging.
Artikel 26
Het verenigingsjaar loopt van één januari tot en met één en dertig december. Het boekjaar is gelijk aan het verenigingsjaar.
Artikel 27
Schriftelijke berichtgeving van het bestuur en/of het dagelijks bestuur aan de personen bedoeld in artikel 4 van de statuten kan rechtsgeldig plaatsvinden via brieven, mededelingen in een verenigingspublicatie en/of de website van de vereniging. Publicatie via de website van de vereniging betreffende de ledenvergadering wordt van tevoren aangekondigd per brief of in een voorafgaande verenigingspublicatie.
Zodra de wetgever dit als wettelijk erkend communicatiemiddel heeft erkend, kan schriftelijke berichtgeving - waaronder begrepen de oproeping voor een ledenvergadering - ook geschieden door middel van elektronische gegevensdragers.
Artikel 28
In alle gevallen waarin statuten en reglementen niet voorzien, beslist het bestuur.
Doelstelling
Middelen
Leden
Gewone, aspirant- en kandidaatleden
Belangstellende en buitengewone leden
Ereleden
Begunstigers
Aanvraag van het lidmaatschap
Beroep
Einde van het lidmaatschap
Geldmiddelen
Bestuur
Ledenvergadering
Commissies
Klachtenbehandeling
Maatregelen na gegrond bevonden klacht
Commissie van beroep en bemiddeling
Reglementen
Wijziging van de statuten
Ontbinding en liquidatie
Verenigingsjaar en boekjaar
Communicatiemiddelen van het bestuur
Slotbepaling
Artikel 1
De vereniging is genaamd: Vereniging voor Cliëntgerichte Psychotherapie, voorheen de Vereniging voor Rogeriaanse Therapie, en is gevestigd te Utrecht. De vereniging duurt voort voor onbepaalde tijd.
Doelstelling
Artikel 2
De vereniging stelt zich ten doel:
a. het bevorderen van de toepassing en ontwikkeling van de psychotherapeutische benaderingswijze die (internationaal) bekend staat als cliëntgericht (client-centered/ klientenzentriert) en die wortelt in het bijzonder in het werk van Carl Rogers;
b. het bevorderen van de gebruikmaking van de diensten van diegenen, die zijn opgeleid in deze psychotherapeutische benaderingswijze, hierna te noemen: cliëntgerichte psychotherapeuten;
c. behartiging van de maatschappelijke en beroepsethische belangen voortspruitend uit de toepassing van de cliëntgerichte psychotherapie en de daaraan gelieerde activiteiten.
Middelen
Artikel 3
De vereniging tracht deze doelen te bereiken door:
a. zodanige maatstaven aan te leggen voor de toelating tot het lidmaatschap van de vereniging, dat dit lidmaatschap tegenover derden een waarborg voor deskundigheid betekent;
b. het opstellen en handhaven van gedragsregels voor de toepassing van de cliëntgerichte psychotherapie;
c. het bevorderen van de wetenschappelijke bestudering van de in artikel 2, sub a genoemde benaderingswijze;
d. het organiseren van de mogelijkheden voor opleiding;
e. het bevorderen van publicaties over onderwerpen die verband houden met de doelstellingen der vereniging;
f. het onderhouden van betrekkingen met verwante organisaties in binnen- en buitenland;
g. alle andere wettige middelen welke de doeleinden van de vereniging kunnen bevorderen.
Leden
Artikel 4
De vereniging kent:
a. gewone leden VCgP-psychotherapeut;
b. gewone leden VCgP-gesprekstherapeut;
c. gewone leden VCgP-counselor
d. kandidaat-leden;
e. belangstellende leden;
f. buitengewone leden;
g. ereleden;
h. aspirant-leden: nieuwe aspirant-leden zullen na wijziging van de statuten op 7 juni 2006 niet meer worden ingeschreven, vanaf die datum blijven leden in opleiding kandidaat-lid tot inschrijving als gewoon lid; Voor zover niet afzonderlijk benoemd, hebben aspirant leden dezelfde rechten en plichten als kandidaat leden.
i. begunstigers.
Gewone- en kandidaatleden
Artikel 5
1. Tot het gewone en kandidaatlidmaatschap kunnen worden toegelaten personen, die hebben voldaan aan de vereisten zoals vermeld in het huishoudelijk reglement van de vereniging omtrent de opleiding in de cliëntgerichte psycho-therapie, en die de beroepscode voor psychotherapeuten, zoals uitgegeven door de Nederlandse Vereniging voor Psychotherapie te Utrecht of haar rechtsopvolgers, hierna te noemen: de beroepscode, onderschrijven en op zichzelf van toepassing verklaren.
2. Het bestuur is bevoegd voor aanvang van de opleiding in bijzondere gevallen ontheffing te verlenen ten aanzien van één of meer, in het huishoudelijk reglement nader geëxpliciteerde, eisen.
3. Zolang de vereniging door de te Utrecht gevestigde vereniging: Nederlandse Vereniging voor Psychotherapie wordt erkend als specialistische psychotherapievereniging is een gewoon lid van de vereniging als zodanig tevens lid-specialist van de Nederlandse Vereniging voor Psychotherapie, mits het gewone lid is opgenomen in het door de Minister van Volksgezondheid erkende register van psychotherapeuten, dan wel door de Minister geacht wordt in een dergelijk register te zijn opgenomen. Indien een gewoon lid in een later stadium aan een van de gemelde voorwaarden komt te voldoen, wordt hij alsnog lid- specialist van de Nederlandse Vereniging voor Psychotherapie.
Belangstellende en buitengewone leden
Artikel 6
1. Het belangstellend lidmaatschap kan worden aangevraagd indien een positieve belangstelling voor de cliëntgerichte psychotherapie verwacht kan worden.
2. Tot het buitengewoon lidmaatschap kunnen worden toegelaten personen, die door hun werkzaamheden, naar het oordeel van de vereniging, een actieve bijdrage leveren aan de verwezenlijking van de doelstelling van de vereniging.
Ereleden
Artikel 7
1. Op voorstel van het bestuur of van tenminste één/tiende van het aantal ingeschreven stemgerechtigde leden kan de ledenvergadering natuurlijke personen, die zich voor de vereniging of voor de ontwikkeling van de cliëntgerichte psychotherapie bijzonder verdienstelijk hebben gemaakt, tot erelid van de vereniging benoemen, zulks met tenminste drie/vierde van de in de betreffende ledenvergadering uitgebrachte stemmen.
2. Ereleden hebben dezelfde rechten als gewone leden. Zij betalen geen contributie.
Begunstigers
Artikel 8
Begunstigers kunnen zijn natuurlijke of rechtspersonen, die zich verbinden jaarlijks tenminste een door de ledenvergadering te bepalen bedrag aan de vereniging te schenken.
Aanvraag van het lidmaatschap
Artikel 9
1. Het gewone, kandidaat- en belangstellend lidmaatschap wordt schriftelijk bij het bestuur aangevraagd.
De eisen om tot verwerving van het gewoon en kandidaat-lidmaatschap te geraken worden nader geregeld in het huishoudelijk reglement.
2. Op voorstel van het bestuur of op schriftelijk voorstel van tenminste tien stemgerechtigde leden kan de ledenvergadering natuurlijke personen tot het buitengewoon lidmaatschap toelaten.
3. Het bestuur stelt de leden in kennis van de aanvraag voor het desbetreffende lidmaatschap.
Bezwaren
Artikel 10
1. Ieder gewoon lid van de vereniging kan bij het bestuur eventuele bezwaren tegen toelating tot het gewone-, kandidaat- en belangstellend lidmaatschap kenbaar maken.
2. Deze bezwaren moeten binnen dertig dagen na de in het vorige artikel bedoelde kennisgeving schriftelijk bij het bestuur worden ingediend.
3. Na overweging van de aangevoerde bezwaren, besluit het bestuur tot het al dan niet toelaten van de aanvrager tot het lidmaatschap.
Beroep
Artikel 11
Zowel de aanvrager van het lidmaatschap, alsook het lid dat overeenkomstig het vorige artikel bezwaren heeft ingebracht tegen toelating tot het lidmaatschap, kunnen tegen een overeenkomstig artikel 10 lid 3 genomen bestuursbeslissing in beroep gaan bij de commissie van beroep en bemiddeling van de vereniging.
Regeling stemrecht en overige rechten gewone, ere-, kandidaat-, belangstellende en buitengewone leden
Artikel 12
1. Gewone leden en ereleden hebben stemrecht.
2. Kandidaat- en buitengewone leden hebben een adviserende stem. Zij hebben recht op toezending van de verenigingsconvocaties en publicaties voorzover deze voor hen van belang zijn. Ook hebben zij toegang tot de wetenschappelijke bijeenkomsten en de ledenvergaderingen van de vereniging.
3. Belangstellende leden hebben recht op toezending van de verenigingsconvocaties en publicaties voorzover deze voor hen van belang zijn. Ook hebben zij toegang tot de wetenschappelijke bijeenkomsten. Zij hebben geen toegang tot de ledenvergadering en hebben geen stemrecht.
Einde van het lidmaatschap
Artikel 13
1. Het lidmaatschap eindigt door:
a. het overlijden van het lid;
b. opzegging door het lid; zulks wordt door het lid schriftelijk meegedeeld aan het bestuur.
Opzegging van het lidmaatschap door het lid kan slechts geschieden per 1 januari van enig jaar en met inachtneming van een opzeggingstermijn van drie maanden;
c. opzegging namens de vereniging door het bestuur; deze kan geschieden wanneer het lid ondanks herhaalde aanmaning niet voldoet aan zijn financiële verplichtingen jegens de vereniging, bij wijze van maatregel als bedoeld in artikel 21 van deze statuten en voorts wanneer een lid heeft opgehouden aan de vereisten door de statuten voor het lidmaatschap gesteld te voldoen, alsook wanneer redelijkerwijs van de vereniging niet gevergd kan worden het lidmaatschap te laten voortduren. Opzegging van het lidmaatschap door de vereniging kan op elk ogenblik en zonder opzeggingstermijn geschieden;
d. ontzetting; deze kan alleen worden uitgesproken, wanneer een lid in strijd met de statuten, reglementen of besluiten der vereniging handelt, of de vereniging op onredelijke wijze benadeelt; de ontzetting geschiedt door het bestuur; de betrokkene wordt ten spoedigste schriftelijk van het besluit, met opgave van redenen, in kennis gesteld; hem staat binnen een maand na ontvangst van de kennisgeving van het besluit beroep op de ledenvergadering open; gedurende de beroepstermijn en hangende het beroep is het lid geschorst.
2. Een opzegging in strijd met het in het vorige lid bepaalde doet het lidmaatschap eindigen op het vroegst toegelaten tijdstip volgende op de datum waartegen was opgezegd.
3. Personen die hun lidmaatschap hebben beëindigd kunnen onder bepaalde voorwaarden, zoals neergelegd in het huishoudelijk reglement, weer lid van de vereniging worden.
Geldmiddelen
Artikel 14
De geldmiddelen der vereniging bestaan uit:
a. contributie der leden, kandidaat-leden, belangstellende leden en buitengewone leden, waarvan de bedragen door de ledenvergadering worden bepaald;
b. giften, schenkingen;
c. erfstellingen, legaten;
d. subsidies;
e. overige inkomsten.
Erfstellingen en legaten kunnen slechts worden aanvaard onder het voorrecht van boedelbeschrijving.
Bestuur
Artikel 15
1. Het bestuur bestaat uit een oneven aantal van tenminste drie leden, waaronder de voorzitter, de secretaris en de penningmeester. In geval van vacature(s) in het bestuur wordt het bestuur gevormd door de in functie zijnde bestuursleden.
2. De leden van het bestuur worden door de leden van de vereniging benoemd uit de gewone leden van de vereniging. Uitsluitend op gemotiveerde voordracht van het bestuur kunnen ook kandidaat-leden en belangstellende leden tot bestuurslid benoemd worden, met dien verstande dat te allen tijde ten minste de helft van het aantal bestuursleden gewoon lid van de vereniging dient te zijn.
De voorzitter, de secretaris en de penningmeester worden door de ledenvergadering in functie gekozen. Het bestuur verdeelt de overige werkzaamheden onder de leden van het bestuur.
De benoeming geschiedt op voordracht van het bestuur of van tenminste tien stemgerechtigde leden. Een voordracht van het bestuur wordt schriftelijk aan de leden bekend gemaakt, tenminste veertien dagen vóór de ledenvergadering. Een voordracht van tenminste tien stemgerechtigde leden kan plaatsvinden tot de aanvang van de ledenvergadering.
Aan de voordrachten kan het bindende karakter worden ontnomen door een met tenminste twee/derde van de uitgebrachte stemmen genomen besluit van de ledenvergadering. De ledenvergadering is vrij in de benoeming van leden van het bestuur indien niet een voordracht als bedoeld is gedaan als hiervoor in dit lid omschreven.
3. Het bestuur stelt een rooster van aftreden van de leden van het bestuur op, zodanig, dat jaarlijks één of meer leden van het bestuur in een periode van vier jaar aftreden en voorzitter, secretaris en penningmeester niet gelijktijdig aftreden. Een periodiek aftredend bestuurslid is terstond herbenoembaar, onverminderd het bepaalde in het vorige lid.
4. Er is een Dagelijks Bestuur, bestaande uit de voorzitter, de secretaris en de penningmeester en eventueel één of meer, door het Bestuur aangewezen, andere bestuursleden.
5. Het dagelijks bestuur is belast met de dagelijkse leiding van de vereniging.
6. De vereniging wordt in en buiten rechte vertegenwoordigd door het bestuur, dan wel twee gezamenlijk handelende bestuursleden, waarvan er tenminste één lid van het dagelijks bestuur is.
7. Het bestuur is krachtens het besluit van de ledenvergadering bevoegd tot het sluiten van overeenkomsten tot het kopen, vervreemden of bezwaren van registergoederen en tot het sluiten van overeenkomsten waarbij de vereniging zich als borg of hoofdelijk medeschuldenaar verbindt, zich voor eenderde sterk maakt of zich tot zekerheidstelling voor een schuld van eenderde verbindt.
8. Het bestuur, respectievelijk dagelijks bestuur kan zich over zaken die de vereniging betreffen laten bijstaan of adviseren door personen binnen of buiten de vereniging.
Artikel 16
1. Het bestuur vergadert zo dikwijls de voorzitter dit nodig acht of tenminste twee leden van het bestuur dit schriftelijk verzoeken.
2. Geeft de voorzitter binnen één maand na het schriftelijk verzoek, als bedoeld in lid 1 van dit artikel, hieraan geen gevolg, dan hebben de betrokken leden van het bestuur het recht zelf een vergadering van het bestuur bijeen te roepen.
3. Het bestuur neemt zijn besluiten met de stemmen van meer dan de helft van het aantal in functie zijnde leden van het bestuur.
Ledenvergadering
Artikel 17
1. Het bestuur roept de ledenvergadering bijeen, zo dikwijls het dit wenselijk oordeelt, of wanneer het daartoe volgens de wet of de statuten verplicht is.
Bijeenroeping geschiedt schriftelijk op een termijn van tenminste twee weken.
2. Op schriftelijk verzoek van tenminste een/tiende van de stemgerechtigde leden, is het bestuur verplicht tot het bijeenroepen van een ledenvergadering op een termijn van niet langer dan vier weken. Indien aan het verzoek binnen veertien dagen geen gevolg wordt gegeven, kunnen de verzoekers zelf tot die bijeenroeping overgaan op de wijze waarop het bestuur de ledenvergadering bijeenroept of bij advertentie in tenminste een ter plaatse waar de vereniging gevestigd is te lezen dagblad.
3. Het bestuur brengt op een ledenvergadering binnen zes maanden na afloop van het boekjaar, behoudens verlenging van deze termijn door de ledenvergadering, een jaarverslag uit over de gang van zaken in de vereniging en over het gevoerde beleid. Het legt de balans en staat van baten en lasten met een toelichting ter goedkeuring aan de vergadering voor. Deze stukken worden ondertekend door de bestuurders; ontbreekt de ondertekening van een of meer hunner, dan wordt daarvan onder opgave van redenen melding gemaakt. Na verloop van de termijn kan ieder lid van de gezamenlijke bestuurders in rechte vorderen dat zij deze verplichtingen nakomen.
4. De ledenvergadering dient jaarlijks een kascommissie van tenminste twee personen te benoemen, die geen deel uitmaken van het bestuur. Deze kascommissie onderzoekt rekening en verantwoording van het bestuur en brengt aan de ledenvergadering verslag van haar bevindingen uit.
5. Jaarlijks, uiterlijk in de maand november, wordt een ledenvergadering gehouden, waarin de begroting voor het komende boekjaar wordt vastgesteld.
Artikel 18
1. Aan de ledenvergadering kunnen deelnemen:
a. gewone leden;
b. kandidaat-leden;
c. buitengewone leden;
d. ereleden.
2. Over alle onderwerpen, met uitzondering van die waarvoor bij deze statuten een andere meerderheid is voorgeschreven, wordt bij volstrekte meerderheid van uitgebrachte stemmen beslist.
Stemming over zaken geschiedt mondeling.
Stemming over personen geschiedt schriftelijk.
Stemming bij acclamatie is mogelijk, wanneer niemand van de stemgerechtigde aanwezigen zich daartegen verzet.
Blanco stemmen worden als niet uitgebracht beschouwd. Voor het geval bij verkiezing van personen niemand de volstrekte meerderheid verkrijgt, wordt herstemd tussen de twee personen, die het grootste aantal stemmen op zich hebben verenigd.
Indien meerdere personen evenveel stemmen op zich verenigen en voor herstemming in aanmerking zouden komen, zal door loting worden beslist welke twee personen voor herstemming in aanmerking komen. Indien bij de herstemming de stemmen staken, beslist het lot.
Commissies
Artikel 19
1. Het bestuur kan een of meer commissies instellen en samenstellen en taken, bevoegdheden en werkwijze van deze commissies vaststellen, aanvullen en wijzigen.
2. De ledenvergadering stelt een commissie van beroep en bemiddeling in, met inachtneming van artikel 22.
3. Onverlet het bepaalde in lid 1 van dit artikel kan de ledenvergadering commissies instellen, belast met de voorbereiding en/of uitvoering van bepaalde activiteiten van de vereniging.
De ledenvergadering bepaalt de taak en de samenstelling van deze commissies.
Klachtenbehandeling
Artikel 20
Klachten over leden van de vereniging worden behandeld door het college van toezicht respectievelijk het college van beroep van de Stichting Kwaliteitsbewaking Psychotherapie te Utrecht of haar rechtsopvolgers, aan de hand van de beroepscode.
Maatregelen na gegrond bevonden klacht
Artikel 21
1. Het bestuur van de vereniging legt een of meerdere maatregelen als bedoeld in lid twee en drie aan een lid van de verenging op, indien het college van toezicht respectievelijk het college van beroep van de Stichting Kwaliteitsbewaking Psychotherapie een klacht over dit lid gegrond heeft bevonden en het bestuur van de vereniging adviseert een of meerdere van deze maatregelen jegens het lid te nemen.
Het bestuur van de vereniging acht dit advies van de colleges van de Stichting Kwaliteitsbewaking Psychotherapie bindend en voert de geadviseerde maatregel(en) uit. Het bestuur van de vereniging kan de uitvoering van de maatregel(en) overdragen aan een daarvoor ingestelde commissie.
2. De in het eerste lid van dit artikel bedoelde maatregelen zijn:
a. waarschuwing;
b. berisping;
c. schorsing van het lidmaatschap van de vereniging voor een bepaalde duur;
d. ontzetting uit of opzegging van het lidmaatschap van de vereniging;
e. schorsing van de opleiderslicentie/-bevoegdheid vanuit de vereniging voor een bepaalde duur;
f. intrekking van de opleiderslicentie/-bevoegdheid vanuit de vereniging;
g. openbaarmaking van de uitspraak binnen de vereniging op een door de vereniging te bepalen wijze.
3. Indien een maatregel voorwaardelijk wordt opgelegd verbindt het bestuur van de vereniging hieraan bijzondere voorwaarden indien het college van toezicht respectievelijk het college van beroep van de Stichting Kwaliteitsbe waking Psychotherapie dit adviseert.
Commissie van beroep en bemiddeling
Artikel 22
1. De vereniging heeft een commissie van beroep en bemiddeling, bestaande uit vier gewone leden en een jurist, dan wel vijf gewone leden.
2. De leden van deze commissie worden benoemd door de ledenvergadering.
3. Deze commissie heeft tot taak:
a. het nemen van een besluit overeenkomstig artikel 11;
b. het bemiddelen en respectievelijk tot bindende uitspraken komen in conflictsituaties die hetzij ter bemidde ling hetzij als beroep zijn aangebracht en die geen betrekking hebben op het naleven van de beroepscode.
4. De commissie neemt beslissingen met de stemmen van tenminste drie van de vijf leden.
5. De wijze van aftreden van de leden van de commissie van beroep en bemiddeling als mede de procedure met betrekking tot behandeling van bezwaren, worden geregeld bij huishoudelijk reglement.
Reglementen
Artikel 23
1. Alle onderwerpen, waarvan nadere regeling door de statuten is voorgeschreven dan wel door de ledenvergadering of het bestuur nodig of nuttig wordt geoordeeld, zullen nader worden geregeld in het huishoudelijk reglement of een ander reglement.
De reglementen mogen niet in strijd zijn met de statuten.
2. Reglementen ten behoeve van de, conform artikel 19 lid 1 door het bestuur ingestelde commissies, worden door het bestuur vastgesteld. Het bestuur stelt de leden in kennis van deze reglementen. De reglementen ten behoeve van, conform artikel 19 lid 2 en 3 door de ledenvergadering ingestelde commissies, worden vastgesteld door de ledenvergadering.
3. De reglementen ten behoeve van de, conform artikel 19 lid 1 door het bestuur ingestelde commissies, kunnen worden gewijzigd door het bestuur. Het bestuur stelt de leden in kennis van deze wijzigingen. De reglementen ten behoeve van de, conform artikel 19 lid 2 en 3 door de ledenvergadering ingestelde commissies, kunnen worden gewijzigd door de ledenvergadering; dan wel, met in achtneming van het in lid 4 van dit artikel bepaalde, door het bestuur.
4. Een voorgenomen besluit van het bestuur tot wijziging van een reglement ten behoeve van de, conform artikel 19 lid 2 en 3 door de ledenvergadering ingestelde commissies, wordt door het bestuur schriftelijk ter kennis van alle gewone en ereleden gebracht. Indien binnen een termijn van drie weken na datum van verzending van vorengemelde kennisgeving:
a. tenminste één/tiende gedeelte van het aantal gewone en ereleden schriftelijk aan het bestuur heeft kenbaar gemaakt niet accoord te zijn met een besluit van het bestuur terzake overeenkomstig bedoeld voorgenomen besluit van het bestuur en/of terzake beslissing door de ledenvergadering te verlangen, kan het bestuur terzake niet besluiten tot wijziging van het reglement en zal de inhoud van het voorgenomen besluit van het bestuur als voorstel aan de ledenvergadering op de agenda van de eerstvolgende ledenvergadering geplaatst worden en zal de ledenvergadering terzake beslissen;
b. het onder a. vermelde geen toepassing vindt, kan het bestuur besluiten tot wijziging van het reglement
Overeenkomstig bedoeld voorgenomen besluit van het bestuur. Het bestuur stelt de leden in kennis van haar besluit.
Wijziging van de statuten
Artikel 24
1. De statuten kunnen slechts gewijzigd worden op grond van een besluit van een daartoe bijeengeroepen ledenvergadering. Een besluit tot wijziging van artikel 1 t/m 24, 26 en 27 dient genomen te worden met een meerderheid van twee/derde van de in de vergadering uitgebrachte stemmen. Een besluit tot wijziging van artikel 25 dient genomen te worden als een besluit tot ontbinding van de vereniging.
2. De convocatie tot deze vergadering dient de voorgestelde wijziging te beatten.
3. De termijn voor oproeping tot een zodanige vergadering bedraagt tenminste één maand.
Ontbinding en liquidatie
Artikel 25
1. Tot ontbinding van de vereniging kan in eerste instantie slechts besloten worden indien, op een speciaal bijeengeroepen ledenvergadering, tenminste drie/vierde van het totaal aantal stemgerechtigde leden aanwezig is.
Bij gebreke van het gemelde quorum in die vergadering kan daarna daartoe een tweede ledenvergadering worden uitgeschreven, te houden tenminste twintig en ten hoogste veertig dagen na de bedoelde eerste vergadering; in deze tweede vergadering kan tot ontbinding worden besloten ongeacht het aantal aanwezige stemgerechtigde leden.
2. Het besluit tot ontbinding dient te worden genomen met een meerderheid van drie/vierde van de in de vergadering uitgebrachte stemmen.
3. De bestemming van een batig saldo zal door de ledenvergadering worden vastgesteld, bij besluit genomen met drie/vierde van de in de vergadering uitgebrachte stemmen.
4. De eerste vergadering, bedoeld in lid 1, dient tenminste drie maanden van tevoren te worden uitgeschreven met vermelding van het voorstel tot ontbinding van de vereniging.
Verenigingsjaar en boekjaar
Artikel 26
Het verenigingsjaar loopt van één januari tot en met één en dertig december. Het boekjaar is gelijk aan het verenigingsjaar.
Communicatiemiddelen van het bestuur
Artikel 27
Schriftelijke berichtgeving van het bestuur en/of het dagelijks bestuur aan de personen bedoeld in artikel 4 van de statuten kan rechtsgeldig plaatsvinden via brieven, mededelingen in een verenigingspublicatie en/of de website van de vereniging. Publicatie via de website van de vereniging betreffende de ledenvergadering wordt van tevoren aangekondigd per brief of in een voorafgaande verenigingspublicatie.
Zodra de wetgever dit als wettelijk erkend communicatiemiddel heeft erkend, kan schriftelijke berichtgeving - waaronder begrepen de oproeping voor een ledenvergadering - ook geschieden door middel van elektronische gegevensdragers.
Slotbepaling
Artikel 28
In alle gevallen waarin statuten en reglementen niet voorzien, beslist het bestuur.




